Het correct injecteren van insuline is een belangrijk onderdeel van diabetesbeheer van uw patiënt1
De juiste injectietechniek kan helpen om de A1C2* te verlagen
In een onderzoek onder patiënten met diabetes die insuline injecteerden, ervoeren patiënten die waren voorgelicht over de juiste injectietechniek (waaronder het gebruik van een nieuwe naald voor elke injectie, het wisselen van injectieplaatsen en het overschakelen naar een naald van 4 mm of 5 mm) een verlaging van 1% in A1C na 6 maanden.2*
Onderdelen van een training in de juiste injectietechniek zijn
Het gebruiken van een nieuwe pennaald
Het afwisselen van injectieplaatsen
Het gebruiken van een kortere pennaald
Herinner uw patiënten eraan om elke keer dat ze injecteren een nieuwe naald te gebruiken
Het gebruik van een nieuwe naald is belangrijk omdat:
- Bijna 50% van de patiënten met diabetes hun naalden hergebruikt.3†
- Hergebruik wordt in verband gebracht met een verhoogd risico op het ontwikkelen van lipohypertrofie,1,4 wat kan bijdragen aan onregelmatige insuline-absorptie, verhoogde glycemische variabiliteit en onverklaarbare hypoglycemische periodes.1,4‡
- Patiënten die over voldoende naalden beschikten en een goede injectietraining hadden gekregen, meldden geen naalden te hergebruiken.1*
Moedig uw patiënten aan om de injectieplaatsen af te wisselen
Lipohypertrofie, of lipo, kan worden veroorzaakt door het onjuist afwisselen van de injectieplaats. Het lijkt erop dat het afwisselen van de injectieplaats de belangrijkste factor is bij de bescherming tegen lipo.5
Overweeg om uw patiënten kortere naalden voor te schrijven
Langere naalden kunnen de kans vergroten dat er in de spier wordt geïnjecteerd. Klinische aanbevelingen stellen dat een pennaald van 4 mm of een insulinespuit van 6 mm de aanbevolen naaldlengte is voor alle patiënten.1
Hulpbronnen om te delen met patiënten die nieuw zijn bij insulinetherapie
Bekijk hoe Micro-Fine UltraTM pennaalden kunnen helpen de injectie-ervaring te verbeteren
MEER INFORMATIEembecta, voorheen onderdeel van BD, is nu een van de grootste bedrijven ter wereld dat zich uitsluitend richt op diabetesbeheer. Dankzij deze unieke focus kunnen we onze honderdjarige ervaring op het gebied van insulinetoediening benutten en tegelijkertijd mensen met diabetes in staat stellen hun optimale leven te leiden.
KOM MEER OVER ONS TE WETEN*116 diabetespatiënten die insuline gebruikten, werden gerandomiseerd in drie interventiegroepen met als doel de verandering te beoordelen ten opzichte van de uitgangswaarde in A1C na zes maanden training in de gestructureerde injectietechniek en na de overstap naar een kortere naaldlengte (pennaald van 4 mm of 5 mm). De uitgangswaarde A1C was voor alle groepen vergelijkbaar (gemiddeld: 8,5-8,8% [± 1,4-1,9%]).
†13.289 patiënten met diabetes die insuline injecteren, namen deel aan een ITQ-enquête. 38,8% van de 2711 patiënten die insulinespuiten gebruikten, meldde hergebruik van naalden. 55,8% van de 11.961 patiënten die pennaalden gebruikten, meldde hergebruik van naalden.
‡Er is geen causaal verband vastgesteld. Aan een enquête namen 13.289 insuline-injecterende patiënten deel. Het hergebruik van naalden werd beoordeeld door middel van een vragenlijst en lipohypertrofie werd beoordeeld door middel van een vragenlijst en beoordeling door een zorgmedewerker met behulp van visuele en palpatiemethodes. Er werd gebruik gemaakt van logistische regressieanalyse om het verband tussen hergebruik van pennaalden en LH te vinden (P=0,2).
Referenties
1. Frid AH, Kreugel G, Grassi G, et al. New insulin delivery recommendations. Mayo Clin Proc. 2016;91(9):1231-1255.
2. Misnikova IV, Gubkina VA, Lakeeva TS, Dreval AV. A randomized controlled trial to assess the impact of proper insulin injection technique training on glycemic control. Diabetes Ther. 2017;8(6):1309-1318.
3. Frid AH, Hirsch LJ, Menchior AR, et al. Worldwide injection technique questionnaire study: injecting complications and the role of the professional. Mayo Clin Proc. 2016;91(9):1224-1230.
4. Frid AH, Hirsch LJ, Menchior AR, et al. Worldwide injection technique questionnaire study: injecting complications and the role of the professional. Mayo Clin Proc. 2016;91(9):1224-1230.
5. Blanco M, Hernández MT, Strauss KW, Amaya M. Prevalence and risk factors of lipohypertrophy in insulin-injecting patients with diabetes. Diabetes Metab. 2013;39(5):445-453.